Op de eerste echte frisse en natte Herfstdag van 2026 liepen negen belangstellenden onder aanvoering van Jan Floor door het stuk park tussen de Weg naar de Steenen Tafel en de Hommelseweg. Dit stuk park is zes jaar geleden flink onderhanden genomen en we maken een rondje om te zien wat daar de resultaten van zijn.
Al bij het begin bij de Steenen Tafel zien we al dat de beukenbomen langs de weg flink te lijden hebben gehad van de droogte van de afgelopen periode: de bomen laten veel “kraaienpoten” zien: de kleine takjes zijn afgestorven en de iets grotere hebben geen blad meer.
Vooral de oudere beuken (80 jaar en ouder) hebben veel te lijden van de droge zomers. Parken en Bossen wil in dit deel van het park dan ook komen tot een gedifferentieerder bos waarbij de voorkeur uitgaat naar bomen die beter bestand zijn tegen de droogte. Te denken is aan Ratelpopulier, Boswilg, Vogelkers, Gelderse Roos, Sporkehout, Meidoorn en Wilde Kardinaalsmuts. Overigens blijven de grote Dennen gehandhaafd indien ze voldoende levensvatbaar zijn.
In de vrijgekomen open plekken zullen in totaal ongeveer 3000 bomen en struiken geplant worden die nu eigenlijk niet in dit bos voor komen. De laagblijvende struiken dienen om de windweerstand te verhogen, waardoor de bodem minder snel uitdroogt. Voor de liefhebber: aan het eind van dit artikel staan de Latijnse namen en de aantallen die zullen worden geplant.
De nieuw aan te planten bomen en struiken zijn zogenaamde “rijkstrooisel” soorten. Deze soorten hebben bladeren die kalkrijker zijn dan het blad van Beuken en Eiken en zorgt op termijn voor een betere strooiselvertering en hopelijk ook voor een minder zure bodem. De verschillende boom- en struiksoorten zijn weer goed voor insecten en vogels en kleinwild. De planning is dat in oktober/november de aanplant zal worden gerealiseerd.
![]()
Ondertussen zijn we bij de schoutinggebouwen aangekomen: er zijn vooralsnog geen plannen om deze op te heffen: misschien zal langs de Hommelseweg een takkenril worden aangebracht om spelende kinderen de klim langs het talud te bemoeilijken zodat de bodem beter beschermd is tegen erosie.
Achter ons bevinden zich de drie stenen die ongeveer de plek aangaven waar vroeger de galg stond opgesteld. In één van die stenen zat een plaatje met uitleg van de plek maar die werd diverse keren gestolen dus zijn er geen plannen om dit weer aan te brengen. Wel zou kunnen worden nagedacht om langs het wandelpad een verwijsbord te plaatsen met uitleg over die plek. Overigens is onduidelijk, waar deze galg zich oorspronkelijk bevond.
Op de terugweg komen we langs een forse beuk die in de periode van één jaar volledig afgestorven is.
![]()
Bij de komende onderhoudsbeurt zal ook weer worden gekapt en geringd waarbij de bomen niet meer zullen worden opgeruimd. Bij het ringen brengt men rondom in de stam een ondiepe zaagsnede waardoor de sapstroom tot stand komt. De boom zal hierdoor langzaam afsterven.
Aangekomen bij het pad met het parkbord en kijkend over de voormalige paardenweides en de weilanden verderop vertelt Rob Borst dat hier circa één kilometer Meidoorns zullen worden gepoot die de afscheiding gaan vormen van de afzonderlijke weides en de wandelpaden. Het is de bedoeling dat deze op termijn de prikkeldraadhekken gaan overwoekeren en een schuilplek gaan vormen voor onder anderen vogels. De hagen zullen blijvend op circa één meter worden gesnoeid.
Ook zullen binnenkort nieuwe houten ‘borden’ komen die het hondenlosloopgebied zullen markeren. Ze zullen bestaan uit duurzame houten palen zoals ook al in andere parken in gebruik zijn.
![]()
Na de -relatief – korte maar natte rondgang praatten de aanwezigen nog informeel even bij in restaurant Bloem onder het genot van een kopje koffie en warme chocolademelk. Desgevraagd spraken Rob en Jan de verwachting uit, dat ‘dit jaar’ de visie van de parken Klarenbeek, Hazegrietje, Braamberg door het Gemeentebestuur zal worden vastgesteld.
Hieronder vindt u de namen van de bomen en struiken die zullen worden aangeplant in dit stukje Klarenbeek.
Populus tremula (Ratelpopulier): Bijna rond, grof gegolfd/getand, met een lange, zijdelings afgeplatte bladsteel waardoor het blad snel trilt bij wind. Aantal: 200 stuks
Salix caprea (Boswilg): Breed eivormig tot ovaal, rimpelig donkergroen van boven en grijsviltig behaard met uitstekende nerven aan de onderzijde. Aantal: 200 stuks
Prunus padus (Gewone vogelkers): Elliptisch/langwerpig, fijn gezaagd, matgroen van boven en blauwgroen van onder, met honingklieren op de bladsteel. Aantal 500 stuks
Prunus avium (Zoete kers): Eirond tot omgekeerd eirond, grof dubbel gezaagd, met twee opvallende rode kliertjes aan de basis van de bladsteel. Aantal: 400 stuks
Viburnum opulus (Gelderse roos): 3- tot 5-lobbig (esdoornachtig), grof getand, onderzijde zacht behaard; kleurt prachtig rood in de herfst.
Aantal: 500 stuks
Frangula alnus (Sporkehout / Vuilboom): Elliptisch tot omgekeerd eirond, gaafrandig (volledig gladde rand) met 7 tot 9 paar duidelijke parallelle nerven. Aantal: 500 stuks
Crataegus laevigata (Tweestijlige meidoorn): Breed eirond tot ruitvormig, diep 3- tot 5-lobbig met stompe lobben en een fijn getande rand. Aantal: 300 stuks
Euonymus europaeus (Wilde kardinaalsmuts): Ei- tot lancetvormig, fijn gezaagd, donkergroen met een glad oppervlak; kleurt vuurrood in de herfst. Aantal: 300 stuks
16-10-26. K.Kleinendorst